4.1

Randvoorwaarden voor het werken met vrijwilligers

Uw stichting of vereniging staat. U heeft de juiste rechtsvorm gekozen. Een bestuur gevormd en nagedacht over aansprakelijkheid. Een beleidsplan en activiteitenplan gemaakt. En nu wilt u aan de slag! Echter, ook aan het werken met vrijwilligers zijn regels en voorwaarden verbonden.


De Rijksoverheid over vrijwilligerswerk:
Het is niet precies te zeggen wat wel en wat geen vrijwilligerswerk is. In het algemeen gelden de volgende voorwaarden voor vrijwilligerswerk:

  • vrijwilligerswerk dient een bepaald maatschappelijk belang
  • vrijwilligerswerk heeft geen winstoogmerk
  • vrijwilligerswerk komt niet in de plaats van een betaalde baan

Een stichting of vereniging mag dus steeds met vrijwilligers werken, want dat zijn organisaties die geen winstoogmerk hebben. Maar dat zijn niet de enige voorwaarden. Want ook voor vrijwilligers gelden er regels.


Randvoorwaarden voor het werken met vrijwilligers

De voorwaarden van de Rijksoverheid zeggen niet zoveel en laten veel ruimte voor interpretatie.

Sinds de invoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in 2007 ligt de wettelijke taak veel meer bij gemeenten om vrijwilligers en mantelzorgers te ondersteunen. In de Wmo wordt een beroep gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van burgers om zoveel mogelijk voor elkaar te zorgen. Hier valt ook vrijwilligerswerk onder. Want vrijwilligerswerk, ook wel vrijwillige inzet genoemd, gaat over elkaar helpen en dé kernbegrippen van de Wmo zoals wederkerigheid, sociale samenhang, zelfredzaamheid en participatie.

Om de randvoorwaarden van vrijwilligerswerk in kaart te brengen, is het zaak dat u de gemeentelijke bepalingen in Den Haag goed in de gaten houdt. Vooral waar het vrijwilligersbeleid betreft. Want als dat beleid verandert, veranderen uw randvoorwaarden misschien ook wel. Het is dus noodzakelijk om veranderingen in uw externe omgeving steeds goed op te volgen. Immers, regeren is vooruitzien.

Gemeenten hebben met betrekking tot vrijwilligerswerk dus een grote taak. Deze taak laat zich opsplitsen in vijf basisfuncties. Handig om te weten!


Vrijwilligerswerk en het ontvangen van een
WW uitkering
Vrijwilligerswerk kan een goede manier zijn om werkervaring op te doen. Zo kunnen mensen bijvoorbeeld ervaren of bepaalde werkzaamheden bij hen passen.

Iedereen met een WW-uitkering mag vrijwilligerswerk doen. Maar vrijwilligerswerk mag geen belemmering zijn voor het zoeken naar een betaalde baan.

Aangezien het UWV de uitkeringsinstantie is, is het van belang te weten welke voorwaarden zij stellen voor het vrijwilligerswerk. Zo kan een vrijwilliger bijvoorbeeld ontheffing van de sollicitatieplicht krijgen wanneer het vrijwilligerswerk de kans op een betaalde baan vergroot.


Ook vindt u op de website van het UWV een stappenplan. Zo wordt het snel duidelijk of een vrijwilliger effectief vrijwilligerswerk mag verrichten.


Vrijwilligersvergoeding en onkostenvergoeding

In sommige gevallen mag u vrijwilligers een vergoeding geven voor hun vrijwilligerswerk. Dat kan als de vrijwilliger:

  • met u heeft afgesproken dat hij een vergoeding ontvangt en 23 jaar of ouder is. Dan bedraagt de vergoeding maximaal € 4,50 per uur, met een maximum van € 150 per maand en € 1.500 per jaar. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding van de inzet.
  • met u heeft afgesproken dat hij een vergoeding ontvangt en 23 jaar of jonger is. Dan bedraagt de vergoeding maximaal € 2,50 per uur, met een maximum van € 150 per maand en € 1.500 per jaar. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding van de inzet.
  • niet met u heeft afgesproken dat hij een vergoeding ontvangt. De vergoeding is dan zo laag dat deze niet in verhouding staat tot de omvang en het tijdsbeslag van het werk. Dan mag de vergoeding maximaal € 150 per maand en € 1.500 per jaar zijn. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding van de inzet.

Alleen deze vergoedingen zijn onbelast en hoeven niet aangegeven te worden bij de Belastingdienst. Lees er meer over in de folder.


Arbo en vrijwilligerswerk

De Arbowet (Arbowet) geldt soms bij vrijwilligerswerk. Namelijk als er serieuze risico’s zijn, bijvoorbeeld als een vrijwilliger werkt met gevaarlijke stoffen.
De Arboregels voor jongeren onder de 18 jaar, zwangere vrouwen en vrouwen die borstvoeding geven, gelden ook voor vrijwilligersorganisaties.

Risico-inventarisatie en -evaluatie

Een risico-inventarisatie -en evaluatie (RI&E) beschrijft de risico's voor de veiligheid en gezondheid op de werkplek. Ook staat hierin welke maatregelen genomen worden om deze risico's te verminderen.


VOG
Voor sommige functies in vrijwilligerswerk is een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) nodig. Een VOG is een verklaring waaruit blijkt dat uw gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving.

Justis screent (rechts)personen die een VOG aanvragen en geeft de VOG's af. Een VOG kan worden afgegeven aan natuurlijke personen en aan rechtspersonen. Als iemand een VOG aanvraagt, doet Justis onderzoek naar het justitiële verleden van een natuurlijk persoon of rechtspersoon. Een VOG wordt in ieder geval verleend als de vrijwilliger geen strafbaar feit heeft gepleegd dat relevant is voor de betreffende functie.


Sociale veiligheid

De bovenstaande randvoorwaarden beschrijven harde randvoorwaarden. Dit wil zeggen dat ze bij wet geregeld zijn en u er als organisatie niet omheen kan.

Daarnaast zijn er randvoorwaarden die de sociale veiligheid binnen uw organisatie bevorderen. Er zijn diverse voorbeelden van incidenten.


Bij sociale veiligheid gaat het dus met name over het voorkomen van grensoverschrijdend gedrag. We onderscheiden een aantal hoofdvormen van grensoverschrijdend gedrag.


Movisie heeft een toolkit ontwikkeld, die houvast biedt voor het sociaal veilig maken van uw organisatie.


Stappenplan huiselijk geweld en kindermishandeling
Verder geldt voor bepaalde instellingen vanaf 2012 de Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Deze wet verplicht zorg- en welzijnsorganisaties om een stappenplan te hebben voor het signaleren en melden van huiselijk geweld en kindermishandeling. De verplichting geldt niet voor vrijwilligersorganisaties. Het is dus van belang dat u goed in kaart brengt of uw organisatie voldoet aan de acht criteria van vrijwilligersorganisaties. Uiteraard doet u er altijd goed aan om sociale veiligheid te nodige aandacht te schenken.

De folder biedt houvast bij het opzetten van een stappenplan huiselijk geweld en kindermishandeling.



Voorkomen van seksueel ongewenst gedrag

Denk ook na over het voorkomen van seksueel ongewenst gedrag en seksueel misbruik. Voor de een lijkt het een enorm onderwerp; de ander is er al een tijdje mee bezig. Want hoe voorkomt u seksueel ongewenst gedrag en seksueel misbruik binnen uw vrijwilligersorganisatie?

Om u daarmee goed op weg te helpen, is er In Veilige Handen, een website die voorziet in een heleboel tips en tools voor het sociaal veilig maken van uw organisatie.

Ook voorziet In Veilige Handen in een stappenplan. Bij elke stap krijgt u tips en kunt u handige materialen downloaden:

  • Ongewenst gedrag bespreekbaar maken
  • Vrijwilligers werven en bewustwording
  • Risico’s in kaart brengen en preventie
  • Meldprotocol en contactpersoon
  • Tuchtrecht en registratielijn


Maak uw beleid bekend
Wanneer u als vereniging of stichting een goed preventiebeleid heeft om seksueel misbruik te voorkomen, valt of staat het succes van dit beleid met de bekendheid ervan. Ook een vertrouwenspersoon heeft weinig nut wanneer mensen niet weten dat hij of zij er is. De volgende tips helpen u het beleid en de vertrouwenspersoon bekend te maken.

Move Professionals ontwikkelde een tool om een quickscan sociale veiligheid voor vrijwilligersorganisaties uit te voeren.





Geraadpleegde bronnen
Bekijk hier de geraadpleegde bronnen