2.2

Aansprakelijkheid en verantwoordelijkheid

Binnen een stichting is het bestuur het centrale orgaan, maar dat wil niet zeggen dat het bestuur ook het hoogste orgaan is. Zo kan er boven het bestuur nog een Raad van Toezicht of Raad van Advies geplaatst worden. Het is van belang dat dit wel in de statuten wordt opgenomen. Desondanks moet het bestuur intern en extern verantwoording afleggen.


Inschrijving bij Kamer van Koophandel

Een inschrijving bij de kamer van Koophandel is van groot belang voor de bestuurders. Zolang inschrijving en deponering van de statuten nog niet hebben plaatsgevonden, zijn de bestuurders namelijk hoofdelijk aansprakelijk voor de stichting. Hierdoor kunnen derden niet alleen de stichting aanspreken, maar ook de bestuurders privé. Een situatie die u graag wilt vermijden.


“Iedere bestuurder moet zijn bestuurstaak behoorlijk uitoefenen”

De beoordeling van aansprakelijkheid van bestuurders tegenover de stichting staat artikel 2:9 van het Burgerlijk Wetboek centraal: “De basis voor deze wet is de gezamenlijke aansprakelijkheid van het bestuur als er schade optreedt voor de stichting dat is te wijten aan een bestuurder die onbehoorlijk bestuurd heeft. In het geval van ontbinding of faillissement van de stichting zal de curator over kunnen gaan tot het aansprakelijk stellen van (ex) bestuurders.
Daarnaast kan de bestuurder tegenover anderen persoonlijk aansprakelijk zijn voor het plegen van misleiding, een wanprestatie of een onrechtmatige daad. In zo’n geval moet de bestuurder vooraf wel geweten hebben dat de stichting niet tot nakoming van de door de bestuurder aangegane verplichtingen in staat zal zijn. De overige bestuursleden kunnen ook worden aangesproken als gehandeld is op basis van een gezamenlijk bestuursbesluit.


Wettelijke beperkingen

Ook legt de wet bestuursleden bepaalde beperkingen op. Zo mag een bestuur van een stichting geen onroerend goed kopen, verkopen of met hypotheek belasten. Het bestuur mag de stichting niet borg laten staan, tenzij de statuten dit uitdrukkelijk toestaan.


“Behoorlijk bestuur”

Het is niet mogelijk een sluitende definitie te geven van behoorlijk bestuur. Dit begrip wordt namelijk ingevuld door jurisprudentie, literatuur en actuele ontwikkelingen.

Voorbeelden van onbehoorlijk bestuur zijn:
Niet (tijdig) informeren van toezichthouders over ontwikkelingen die voor hen van belang zijn. Verwaarlozen van de kredietbewaking. Niet voldoen aan in een subsidie gestelde eisen, waardoor een ontvangen subsidie wordt teruggevorderd. Onvoldoende deskundigheid of besluiteloosheid, zoals het niet aanvragen van faillissement terwijl duidelijk is of behoort te zijn dat de verplichtingen niet meer kunnen worden nagekomen.

Oorzaken:
In de praktijk blijkt het niet voldoen aan de boekhoudplicht
een belangrijke oorzaak van persoonlijke aansprakelijkheid: een vereniging of stichting moet te allen tijde inzicht kunnen geven in de financiële positie. Ook fusies en splitsingen kunnen hiertoe aanleiding zijn, vanwege de vele betrokken belangen en de hoeveelheid beslissingen in een kort tijdsbestek. Daarnaast worden veel aansprakelijkheidsclaims ingesteld naar aanleiding van het faillissement van de vereniging of stichting.


Verschillen in aansprakelijkheid

Het grootste verschil met een vereniging is dat een stichting een bij wet vastgesteld ledenverbod kent. Verder kan een vereniging zowel formeel als informeel opgericht worden. Wanneer een vereniging is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel spreken we van een formele vereniging. In dat geval zijn de regels over aansprakelijkheid van en verantwoording door het bestuur hetzelfde als bij een stichting. De vereniging is dan opgericht met een notariële akte en volgt de statuten.


Een informele vereniging kent geen volledige rechtsbevoegdheid, maar een beperkte rechtsbevoegdheid. Dit wil zeggen dat de rechtspersoon, de vereniging, slechts gedeeltelijk aansprakelijk gesteld kan worden. De overige aansprakelijkheid ligt dan bij de oprichters. Voor de vereniging met beperkte bevoegdheid zijn geen statuten nodig, maar kunt u bij de oprichting volstaan met een schriftelijke of mondelinge overeenkomst. De vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid is, zoals de naam al zegt, rechtsbevoegd. Deze vereniging kan ook zelfstandig overeenkomsten aangaan, met daarbij de volgende beperkingen. Een informele vereniging mag:

  • geen onroerende goederen kopen
  • niet als erfgenaam optreden

De bestuurders van een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid zijn in het algemeen, naast de vereniging, persoonlijk voor schulden aansprakelijk. Soms zelfs tot na hun aftreden. Goed om daarbij stil te staan.


Persoonlijke aansprakelijkheid

U zult niet meteen stilstaan bij persoonlijke aansprakelijkheid. Immers, als u bestuurder bent - of wordt - bij een vereniging of stichting, gaan uw gedachten over het algemeen uit naar hoe u de functie wilt vervullen. In principe is de vereniging of stichting aansprakelijk voor de schulden die worden gemaakt. Toch kan het gebeuren dat u als bestuurder aansprakelijk wordt gesteld voor de schade die voortvloeit uit fouten van u en/of uw medebestuurders. Daarbij is het niet relevant of u voor uw bestuursfunctie wordt betaald.


In de folder hebben we aantal situaties verzameld die kunnen leiden tot persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders en toezichthouders.


Lees hier tips om bestuursaansprakelijkheid te voorkomen.


Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering

Het is geen overbodige luxe om regelmatig de verzekeringsportefeuille van uw vereniging door te lopen. Daarmee kunt u onaangename verrassingen voorkomen. Een aansprakelijkheidsverzekering is sowieso voor elke vereniging een must. Maar hoe zit het met de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering? Is het ook noodzakelijk om deze verzekering af te sluiten?
Voor de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering wordt veel reclame gemaakt. De risico’s die een bestuurder van een vereniging loopt, zouden aanzienlijk zijn en het zou zeer onverstandig zijn om geen bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten. De premie voor deze verzekering bedraagt meestal enkele honderden euro’s per jaar. Maar de kans dat naast de vereniging een bestuurslid ook zelf aansprakelijk wordt gesteld is klein. In de praktijk zijn er slechts enkele uitzonderingsgevallen bekend.
In theorie kan een bestuurslid door iemand binnen en buiten de vereniging worden aangesproken. Gezien de praktijkvoorbeelden en de mogelijkheden om preventieve maatregelen te nemen, zullen veel verenigingen aan het nut en de noodzaak van de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering twijfelen. Toch is het goed voor uw eigen situatie een afweging te maken.


De Nederlandse Stichting voor Verenigingenrecht
ontwikkelde de Behoeftetest Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering. Hiermee krijgt u een idee in hoeverre een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering voor u van belang kan zijn.


In Den Haag bestaat ook de Haagse Vrijwilligerspolis. Dit is een collectieve verzekering voor vrijwilligers in Den Haag en afgesloten via de Verenging van Nederlandse Gemeenten.


U vindt hier een dekkingsoverzicht van de Haagse Polis.


De Algemene Ledenvergadering

Alle leden van een vereniging gezamenlijk vormen de Algemene ledenvergadering. De algemene ledenvergadering benoemt, schorst of ontslaat meestal het bestuur en is in staat statuten te wijzigen of de vereniging te ontbinden. Bij zeer grote, vaak landelijke, verenigingen is een algemene ledenvergadering vaak te groot. Men gaat in dit geval vaak over tot instelling van een ledenraad, bestaande uit afgevaardigden van de leden. Deze ledenraad kan dan namens de algemene ledenvergadering optreden.

Kortom, binnen een vereniging is,in tegenstelling tot bij een stichting, de algemene ledenvergadering het hoogste orgaan en dus niet het bestuur. Wel is het bestuur eindverantwoordelijk. In principe is het bestuur gezamenlijk bevoegd op te treden. Andere regelingen zijn echter ook mogelijk. In de praktijk ziet men nog wel eens dat één of meer bestuursleden bevoegdheid hebben, zoals bijvoorbeeld de voorzitter met de secretaris en/of de penningmeester. Ook kan men aan andere personen dan het bestuur vertegenwoordigingsbevoegdheid geven. Een vereniging kent bijvoorbeeld soms een Raad van Commissarissen, die toezicht op het bestuur uitoefent. Deze commissarissen worden door de ledenvergadering benoemd, geschorst en ontslagen.



Geraadpleegde bronnen
Bekijk hier de geraadpleegde bronnen